KOGELHOOGTES EN POSITIONERING VAN DE LADING

Om de veiligheid tijdens het trekken te verzekeren, is het cruciaal dat de aanhangwagen op de juiste wijze wordt beladen en dat de aanhangwagen de correcte kogelhoogte heeft. Controleer bij het aankoppelen van een onbeladen aanhangwagen of de 'neus' van de aanhangwagen iets (25-50 mm) hoger is dan de achterkant van de aanhangwagen. Houd daarbij ook rekening met de invloed van eventuele ladingen die aan het trekkend voertuig worden toegevoegd. Als de neus van de aanhangwagen te hoog of te laag staat, kan dit resulteren in problemen in het rijgedrag. Probeer de trekhaak of de koppeling van de aanhangwagen nooit te variëren of aan te passen. Bij het laden van een aanhangwagen is het absoluut noodzakelijk om een KOGELDRUK te verkrijgen. Dit betekent dat auto's met voorin geplaatste motor steeds vooruit op de aanhangwagen moeten worden gereden tot de ophanging van het trekkend voertuig begint te zakken. (Auto's met de motor achterin moeten dus achteruit op de aanhangwagen worden gereden). Dezelfde logica geldt voor machines en apparatuur.